Sta jij je mannetje in de kraamzorg?

Professionals in de zorg waar je op kunt bouwen.

Kleine Bram

Kortgeleden werkte ik in een gezin waarvan de baby te vroeg werd geboren, bij een zwangerschap van 27+3 weken.

 Mama (Marloes) lag al een paar dagen in het ziekenhuis omdat de vliezen voortijdig waren gebroken, de slijmprop er al uit was. Kritiek en door  medicijnen werd geprobeerd de weeën te remmen en de longetjes te rijpen, helaas hielp dit niet. Met vier centimeter ontsluiting, voetjes en navelstreng zichtbaar, werd er een spoedsectio gedaan.

Papa (Peter) was op het werk en kreeg de opdracht om rustig aan te doen want hij zou toch niet op tijd zijn voor de bevalling. Gelukkig bleek er tijd genoeg te zijn zodat hij de geboorte van zijn zoontje kon meemaken. De bevalling ging goed, tot de dag dat Marloes naar huis zou gaan, Bram bleek een klaplongetje te hebben gehad. Een domper op het geheel waardoor Marloes nog wat langer in het ziekenhuis moest blijven.

Het is dag zes als ik om half negen bij het gezin binnen stap. Het is een jong stel van wie het vierde kindje is geboren. Ik doe mijn andere werkklompen aan en ga achter Peter aan naar boven. Marloes zit op bed met een wit gezicht. Na mezelf voorgesteld te hebben stel ik mijn eerste vraag: ‘hoe is de bevalling gegaan?’. Ze barst gelijk in tranen uit en probeert het ook meteen weer in te houden. ‘Laat maar even lekker gaan, huil maar eventjes goed, dat is beter dan het weg te stoppen,’ zeg ik tegen haar. Ze kijkt mij aan en er verschijnt een lach op haar gezicht.

Tussen de tranen door doet ze haar verhaal: wat er allemaal is gebeurd, dat ze het zo eng vindt, bang is dat het mis gaat, dat ze hun kindje nog steeds niet vast mogen houden. Ze is een jonge sterke moeder met een loodzware rugtas bij zich. Met de dag leven, kijken hoe het gaat, wat lijkt mij dat zwaar, loodzwaar. En je dan ook nog zorgen maken om de andere mensen om je heen. Niet sterk, oersterk is zij, wat een kracht zit hierin.

Werkenbij

Ze begint haar verhaal met ‘ik ben blij dat jij er bent, ik wist niet eens dat ik kraamzorg zou krijgen’. Het ziekenhuis kon hier niets over zeggen behalve dat ze het samen maar moesten oplossen, iets wat dus niet kon. Niet wetende dat haar cliënt al was bevallen kwam de verloskundige onverwachts langs. Zij zorgde er gelijk voor dat de kraamzorg geregeld werd.

Peter was door de onverwachtse bevalling ook ziek thuis komen te zitten, overspannen van alles. Ook hij durfde niet te hopen, niet verder te kijken dan de dag zelf. Kleine Bram liet al snel duidelijk merken dat hij niet alles prettig vond, ‘hij werd erg boos’, zei Peter met een grote glimlach op zijn gezicht. ‘Probeer de hoogtepunten van Bram te vieren’, gaf ik als tip, ‘alles wat goed gaat is een hoogtepunt’.

Toen ze die dag rond om elf uur in het ziekenhuis waren hadden ze het eerste hoogtepunt: de zuurstof was wat naar beneden gedaan. ‘En hebben jullie dat gevierd?’ vroeg ik. ‘Ja’, lacht Marloes, ‘wij zijn even naar de Mac gegaan’. Het deed hen goed, het was een goede tip geweest.

De zorg in dit gezinnetje had ik op maat gemaakt, in de morgen even wat uren en in de middag. ‘s Morgens evalueren hoe de nacht is gegaan en hoe het met Bram gaat, de controles uitvoeren, tussendoor wat huishoudelijke taken en in de middag evalueren hoe het met Bram is in het ziekenhuis, nogmaals de controles en koffie. Ik had een sleutel en in goed overleg en met wederzijds vertrouwen bleef ik nog even als zij weg gingen. Normaal gesproken verlaat ik het huis als het gezin weg gaat. Nu kon ik alle aandacht aan hen geven zodra ze weer thuis waren.

De kleine Bram werd elke dag wat sterker. ‘Bram is erg ziek’, zei Marloes, ‘maar doet het heel erg goed.’ Ik kon mijn deel van de zorg met een goed gevoel afsluiten. Ik liet een heel tevreden gezin achter.’

De namen in dit verhaal zijn om privacy redenen gefingeerd.

(Met toestemming overgenomen van www.kraamsupportonline.nl)